Het vrouwenbrein worstelt twee keer zo vaak met angstaandoeningen, negatieve gedachten en depressie als mannen. De oorzaak hiervan is, zoals vaak het geval is, te vinden in het brein én het verschil in hormooncycli tussen mannen en vrouwen. Hoe zit dat precies?
En hoe kun je hier als vrouw het beste mee omgaan?
Angstklachten bij vrouwen
Volgens cijfers van Volksgezondheid en Zorg kampt 4 op de 100 vrouwen in Nederland met angst- en depressieklachten, tegenover 2 op de 100 mannen. Dit is gebaseerd op enkel de gevallen die bij de huisarts gemeld zijn. In realiteit lopen er veel mensen met mentale klachten zonder dat zij hiermee naar een arts stappen. Toch geven deze cijfers goed aan dat er een groot verschil tussen mannen en vrouwen bestaat, en dat verschil uit zich in de gedachten die zij hebben. Waarom is het vrouwenbrein toch zoveel gevoeliger voor angst, negativiteit en onzekerheid?
Het mannen- en vrouwenbrein
De eerste reden is dat het vrouwenbrein simpelweg actiever is dan dat van mannen. Uit hersenscans is gebleken dat verschillende breindelen van vrouwen, maar met name de prefrontale cortex (concentratie en impulsbeheersing) en het limbische systeem (angsten en emoties), significant actiever zijn dan bij mannen. Dat betekent niet dat vrouwen ‘intelligenter’ zijn of cognitief sterker, maar simpelweg dat hun brein anders met informatie omgaat dan bij mannen. Bovendien zijn er vaak meerdere hersendelen tegelijk op hoog niveau actief, terwijl dit bij mannen minder het geval is.
Wat betekent dit in de praktijk? Dat vrouwen een grotere zelfcontrole hebben wanneer het aankomt op impulsgedrag, maar ook dat zij emoties en angsten intenser ervaren dan mannen. Hierdoor zijn vrouwen bijvoorbeeld empathischer ingesteld, en durven mannen meer risico’s te nemen. Mannen kunnen zich goed concentreren op een enkele taak, terwijl vrouwen in hun hoofd met meerdere dingen tegelijk bezig zijn. Mannen ervaren meer ‘stilte’ in hun hoofd (ook wel de nothing-box), terwijl het brein bij vrouwen nooit echt stil kan zijn. Dit heeft echter een grote keerzijde voor vrouwen: omdat het brein biologisch ingesteld is om dreigingen te signaleren (dit moet ons veilig houden), is het brein drie keer zo gevoelig voor negatieve en angstige gedachten dan voor positieve. Omdat het limbisch systeem bij vrouwen zo actief is, wordt dit nog eens extra intens ervaren. Dit leidt dan tot piekergedachten, angst, onzekerheid, negatieve gedachten, stress en slapeloosheid.
Hormoonhuishouding en mentale gezondheid
Naast de manier waarop het brein werkt, speelt ook de hormoonhuishouding een grote rol in hoe vrouwen meer angst kunnen ontwikkelen. Elke keer als hormoonlevels in het lichaam veranderen, moet het lichaam zich aanpassen. Dit kan leiden tot disbalans en problemen die zich ook mentaal manifesteren. Deze levels schommelen bij vrouwen een stuk sterker dan bij mannen, en maken in iedere levensfase ook nog eens grootse veranderingen door. In het Engels ook wel gekenmerkt door de ‘zes P’s’:
- Puberteit
- Premenstruele cycli
- Zwangerschap (pregancyin het Engels)
- Postpartumdepressie
- Perimenopauze
- Postmenopauze
Iedere hormoonverschuiving zorgt ervoor dat neuronen in het brein anders worden afgevuurd, wat kan leiden tot problemen als angst aandoeningen, neuroses, depressie en andere problemen.
Maatschappelijke invloed
Naast de biologische verschillen tussen man en vrouw kunnen ook culturele verschillen invloed hebben op de gedachten van vrouwen. Hoewel de sociaalmaatschappelijke positie van de vrouw een stuk beter is dan honderd jaar geleden, brengt dit ook nieuwe uitdagingen met zich mee. Vrouwen mogen en kunnen alles doen wat mannen mogen, maar hebben nog steeds een hogere bewijslast en dragen een zwaardere last in het huishouden. Zo moeten vrouwen zich nog steeds vaker dan mannen verantwoorden als zij werken terwijl ze kinderen hebben, nemen vrouwen een groter deel van de huishoudelijke taken op zich, zelfs als zij fulltime werken, en moeten ze harden werken dan mannen om hetzelfde salaris te verdienen. Deze verschillen zijn niet meteen duidelijk aan te wijzen, maar geven wel dagelijks stress, wat zich opstapelt in het brein.
De gevolgen voor mannen
Een belangrijke vraag om te bespreken is: als vrouwen twee keer zo vaak last hebben van depressie als mannen, waarom overlijden dan dubbel zoveel mannen aan zelfdoding? Zo laat het CBS zien dat 1 295 mannen en 564 vrouwen aan zelfdoding overleden in 2021. Ook hier speelt onze maatschappij een belangrijke rol. Vrouwen hebben over het algemeen een beter sociaal vangnet dan mannen wanneer zij mentale problemen ervaren. Vrouwen worden gezien als de ‘emotionele sekse’ en worden op die manier opgevoed, waardoor zij beter over gevoelens en ervaringen leren praten dan mannen. Voor vrouwen is de drempel om hulp te zoeken hiermee een stuk lager, terwijl dit bij mannen ook vandaag de dag nog een grote taboe is. Dit laat zien dat mentale gezondheid nog steeds meer aandacht mag krijgen als onderwerp in onze samenleving, want voor beide mannen en vrouwen valt daar nog veel te behalen.
Denk jij of iemand in jouw omgeving aan zelfdoding? Neem dan 24/7 gratis en anoniem contact op met 0800-0113 of chat op 113.nl.

