Onrustige darmen, overprikkeld brein

Onrustige darmen, overprikkeld brein

Pre-order nu

Dit is waarom het menselijk brein zoveel ‘slimmer’ is dan dat van dieren is geworden

Leestijd 4 minuten
Blogs

Wij mensen begonnen met een oerbrein, een brein net als dat van alle andere dieren. Waarom en wanneer is ons brein dan toch zoveel verder ontwikkeld? Er is veel over gespeculeerd, maar neurowetenschapper Suzana Herculano-Houzel heeft de meest logische verklaring gevonden.

En het antwoord is niet dat wij van nature ‘gewoon’ slimmer zijn.

Breinsoep maken

Het tellen van neuronen in de breinen van verschillende diersoorten was lang een onmogelijke, en later een zeer tijdrovende, klus. Neurowetenschapper Suzana Herculano-Houzel ontdekte een manier om neuronen wel accuraat te tellen: door hersensoep te maken. Dat klinkt gek, maar in principe is het simpel: de wetenschapper wist neuronen uit het brein te extraheren door het brein zelf op te lossen en een de neuronen zo makkelijk zichtbaar te maken in een ‘soep’. Nu de neuronen van iedere diersoort zo makkelijk te tellen waren, konden Herculano-Houzel en haar collega’s interessante ontdekkingen doen.

Hoeveelheid neuronen per brein

Want hoewel het menselijk brein duidelijk anders is dan dat van andere dieren, is het ook weer niet zó anders. Het menselijk brein heeft zo’n 16 biljoen neuronen. Veel grotere breinen, zoals van olifanten of walvissen, bevatten er ‘maar’ zo’n 3 tot 6 biljoen. Toch is de verdeling van ons brein ten opzichte van ons lichaamsgewicht hetzelfde als bij andere dieren (2 procent van het totaal). Net als bij andere dieren zit 8 procent van onze totale hoeveelheid neuronen in de prefrontale cortex. Er zijn dus veel overeenkomsten. Waar komt dan toch die grote hoeveelheid neuronen vandaan?

Omega 3 en cognitieve ontwikkeling

Die zijn er niet altijd geweest. We begonnen net als ieder ander zoogdier. In de wetenschap werd al eerder geconcludeerd dat ons diverse dieet heeft bijgedragen aan de ontwikkeling van ons brein. Toen de mens naar het water verhuisde en meer vis ging eten, kreeg het meer omega 3 binnen, wat heeft bijgedragen aan de cognitieve ontwikkeling van het mensenbrein. En hoewel dit waar is, ontdekte Herculano-Houzel een nog veel belangrijkere oorzaak van onze buitengewone ontwikkeling.

Grootte maakt geen verschil

Het heeft alles te maken met de energieverdeling in het lichaam. Lang werd gedacht dat de grootte van het brein te maken had met de ‘slimheid’ van het dier. Mensen hebben namelijk een drie keer zo groot brein dan gorilla’s, wat zou kunnen verklaren dat wij cognitief verder ontwikkeld zijn dan zij. Maar kijkend naar de breinen van walvissen en olifanten, klopt deze theorie niet: de grootte van het brein heeft er niets mee te maken. Wat realiseerde Herculano-Houzel zich nu? Dat het niet de grootte van het brein is die belangrijk is, maar die van het lichaam.

Gorilla’s hebben namelijk een heel groot lichaam. En dat lichaam moet gevoed worden. Gorilla’s zijn daarom de hele dag bezig met eten verzamelen en eten, en het grootste gedeelte van deze voeding gaat naar het energiek houden van het lichaam. Zij hebben simpelweg naast al dat eten geen vrije tijd over om het brein verder te ontwikkelen. Wij mensen hebben een lichaam dat minder van ons vraagt, waardoor er meer energie naar het brein kan. Die energieverdeling was lang in balans, tot de mens iets ontdekte dat geen een andere diersoort tot nu heeft ontdekt: de kunst van het koken.

Homo culinarius

Zodra de mensen technologie ging inzetten om te eten (snijden, bakken, koken) werden voedingsstoffen makkelijker en beter opneembaar. De mens was steeds minder tijd kwijt aan eten, en had steeds meer tijd over om na te denken over weer nieuwe technologieën om dit eten nog effectiever te maken. Herculano-Houzel grapt dat we beter de homo culinarius genoemd kunnen worden, in plaats van de homo sapiens. Want alle dieren denken en weten dingen, maar alleen de mens kookt.

Die groei van de hoeveelheid neuronen gebeurde niet van de een op andere dag: eigenlijk kunnen mensen nog relatief kort wat we nu allemaal kunnen. Bouwen, schrijven, lezen, enzovoorts. De groei was exponentieel, met de groei van de technologieën die ons helpt meer en meer energie voor het brein over te houden. En Herculano-Houzel ziet nog een uniek element aan de mens die ons brein zo slim maakt: collectieve kennis.

Collectieve kennis maakt ons tot wie we zijn

Het kost een mensenleven om de kennis en wijsheid op te doen die mensen maken tot wat ze zijn. Als we geboren worden, hebben we collectieve kennis en prestaties van de mensheid tot onze beschikking. Hierdoor lijkt het alsof wij mensen met uitzonderlijke cognitieve vaardigheden geboren worden. Maar dat is niet waar: zonder deze overdracht van kennis, zou het mensenbrein geen enkele kennis hebben. We zouden wel in staat zijn om alles te doen wat we nu kunnen doen, maar zonder dat die kennis aan ons wordt overgedragen, zal er weinig gebeuren. Laat een kind alleen opgroeien in de jungle zonder enige overdracht van kennis, en het zal geen wiskundige berekeningen gaan doen op een stukje schors. Het is dus vooral de kracht van het collectief dat de mens cognitief maakt tot wat het is – en iets dat andere dieren missen.

Bron:

“The Remarkable (But Not Extraordinary) Human Brain” in SA Mind 28, 2, 36-41 (March 2017) https://www.scientificamerican.com/article/lessons-from-making-brain-soup/